Ideeënjagen is zoeken, roeren en doorkoken

Maak eerst een half-fabrikaat

Een briljant idee krijg je niet als een hapklaar product op een zilveren schaaltje opgediend. Je moet vaak eerst de ingrediënten zoeken, bij elkaar voegen, roeren en door laten koken. En het belangrijkste: halverwege proeven. 

Sommige mensen kunnen het: met een reeks originele ideeën komen als je ze een uitdagende vraag stelt. Of achter de computer vanuit het niets een plan maken dat de verbeelding prikkelt.

Ik kan dat niet.

Maar een reeks ideeën verzamelen, daar de beste elementen uit halen en die verder ontwikkelen, dat kan ik wel. Ik heb tijd nodig om te researchen, te puzzelen en er een nacht over te slapen. En dan weet ik ook dat er altijd wel iets uit de bus komt.

Toen ik het boek The Ideahunter van Andy Boynton en Bill Fischer las, begreep ik ineens waarom dat vaak zo werkt.

Ik blijk het typerende gedrag van een ideeënjager te vertonen. Dat betekent veel observeren, noteren, uiteenlopende bronnen raadplegen en praten. Niet alleen in het vertrouwde ‘jachtgebied’, maar vooral ook daarbuiten.

Maak een prototype

Het gaat om denken en doen tegelijkertijd. Een van de succesvolle technieken van de ideeënjager is daarom het maken van een prototype.

Dat klinkt nogal gewichtig, maar het gaat er simpelweg om dat je je ruwe idee in een vorm giet. Een half-fabrikaat staat je toe vrij te denken, zonder angst voor mislukking.

Zo’n prototype kan de vorm aannemen van een eerste schets of model, maar ook een presentatie. Je kunt een pitch houden bij Gave Dingen Doen of je gedachten delen bij Stand-up Inspiration. Het laat je voelen welke kracht het heeft om uit te groeien tot iets groters.

Het prille idee wordt bovendien hierdoor begrijpelijk voor anderen, zodat zij het kunnen becommentariëren en versterken. Ideeën krijgen pas echt betekenis als ze worden aangevuld en uitgebreid.

Dit prototype moet je al vroeg in het proces maken, zeggen Boynton en Fischer. Als je je idee aan een opdrachtgever moet presenteren ben je te laat. Met half-fabrikaten houd je namelijk je idee in beweging.

“Idea flow is critical”, stellen zij. “Your ideas are worth little unless they’re in motion, shifting in response to fresh data and conversation, evolving through stages of reflection and prototyping.”

Denk door te doen

Bloggen is half-fabrikaten leveren

En laat dat nou precies mijn werkwijze zijn. Bloggen is namelijk ook een manier van prototyping!

Met een blog geef je namelijk vorm aan eerste gedachten, die je vervolgens de wereld instuurt. Een blog dat je lang geleden geschreven hebt, kun je aanvullen en herschrijven tot een beter stuk.

Of een verzameling blogs groeit uit tot een heel boek (er zijn auteurs die al bloggend een hele roman bij elkaar schrijven en zich op die manier in de kijker spelen van een geïnteresseerde uitgever!)

Een weblog is ook een lopend archief en houdt ideeën in beweging. Een idee is nooit af en dat is ook niet erg. Al ontwikkelend krijgt een idee vliegkracht.

Denken en doen tegelijk dus.

Nu ik dat beter snap, kan ik er doelbewuster mee omgaan. En dat geldt voor jou wellicht ook.

Hoe breng jij je prille ideeën tot leven?

 

 


Boekgegevens:
The ideahunter. How to Find the best ideas and make them happen door Andy Boynton, Bill Fischer en William Bole. Jossey-Bass San Francisco, 2011 (o.a. verkrijgbaar via Amazon.com)

 

 

Over Sigrid

Sigrid van Iersel is een verhalenmaker met een journalistieke achtergrond, die de kracht van storytelling en creatief denken aan elkaar knoopt. Als bedenker en uitvoerder van verhaalconcepten helpt ze publieke organisaties en maatschappelijke instellingen om mensen te raken en in beweging te brengen bij veranderingen.
Ze is auteur van Lenig Denken (samen met Marenthe de Bruijne en Rineke Rust) en Toverballen voor het Brein.

You may also like

2 comments

  • Arjan van den Berg september 19, 2014  

    Laat ik ook maar weer eens reageren. Voor een groot deel is het herkenbaar. Tenminste, wat het verzamelen van ideeën betreft. Zo heb ik bijvoorbeeld maanden een idee voor een blog voor STM in mijn hoofd en weet ik dat ik op en gegeven moment weet waar ik het over wil hebben en hoe ik daar wil gaan komen. Tot op dat moment werkt het niet om te gaan zitten en ‘gewoon’ een blog te schrijven. Ik vertrouw er terecht op dat dat moment altijd komt, waarop de puzzelstukjes op hun plaats vallen. Het verzamelen is deels dan wel aan mij, openstaan voor indrukken, verhalen, flarden van gesprekken…

    Verschil is alleen dat ik dat alles in mijn hoofd vorm geef en het hele stuk er dan in een keer uitkomt. Tussentijds schrijf ik zelden iets op, laat staan dat ik er dan nog aan schaaf. Als het eenmaal online staat, begin ik aan iets anders, hoewel er in de loop van de tijd wel ideeën blijven hangen, waar ik meer mee wil doen.

    Zoals een verhaal waarmee ik de tweede prijs voor een schrijfwedstrijd heb gewonnen, waar ik een jaar geleden of langer vervolgverhalen op ben gaan schrijven en ik het idee kreeg voor een verhalenmozaïek. Het zou zo maar eens een verhalenbundel kunnen gaan worden. En zo broeit er nog wel meer in mijn hoofd.

    Het scheelt natuurlijk wel dat ik geen deadlines heb, geen opdrachtgevers voor wie ik moet pitchen. Hoewel, ‘scheelt’… Het is ook wel fijn als je een doel hebt, iets of iemand voor wie je ideeën ontwikkelt. Hoewel het ook fijn is om ideeën te hebben en als er dan iemand aanklopt…

    Hoe dan ook, het is goed als je weet hoe inspiratie ontstaat, hoe je ideeën krijgt en wat werkt en wat niet.

  • Sigrid van Iersel september 19, 2014  

    Ha Arjan, interessant om te lezen hoe dit proces bij jou werkt. In ieder geval handig om je er van bewust te zijn, al was het maar omdat je dan weet dat het stuk er wel komt. Dat was bij mij vroeger wel een probleem. Toch een soort paniek dat er geen stuk komt…